Voedingssector gaat geen ijsjes en chips meer aanprijzen voor kinderen

©  BELGA

De voedingssector gaat vanaf juni geen reclame voor onder meer ijsjes, chips en frisdrank meer richten op kinderen. Dat hebben de sectorfederaties van de voedingsindustrie (Fevia), de handelaars (Comeos) en de adverteerders (UBA) afgesproken.

Bron: BELGA

Al in oktober hadden de drie organisaties het initiatief aangekondigd, in een reactie op een oproep van de Hoge Gezondheidsraad. Volgens die raad schiet de zelfregulering tekort en moeten overheden “op alle niveaus ingrijpen en een regelgeving invoeren die kinderen tot achttien jaar beschermt tegen reclame en marketing voor ongezonde voeding”.

Fevia lichtte de maatregelen maandag verder toe. De voedingssector zal de regels van zijn eigen ‘Belgian Pledge’ - waarmee voedingsbedrijven en supermarkten sinds 2012 beloven om hun reclame gericht naar kinderen te beperken - strenger maken. Bovendien worden de beloftes opgenomen in de reclamecode van de sector, waardoor ze van toepassing worden voor de hele sector en de Jury voor Ethische Praktijken inzake Reclame (JEP) zal kunnen toezien op de naleving. Tot nu toe had zowat 80 procent van de bedrijven zich achter het zelfregulerende initiatief geschaard.

Concreet sluit de sector vanaf juni een aantal producten volledig uit van reclame gericht op kinderen. Zo zullen bedrijven rond kinderprogramma’s onder andere ijsjes, chips, frisdrank, snoep en chocolade niet langer in de kijker zetten. Voorts verstrengen de nutritionele criteria voor producten waarvoor ze wel nog reclame gericht op kinderen gaan maken.

Daarnaast trekt de sector de leeftijdsgrens waarvoor strengere criteria gelden, op van 12 tot 13 jaar, terwijl televisiereclame die gericht is op kinderen een bredere invulling krijgt. Zodra het doelpubliek van een programma voor minstens 30 procent uit kinderen jonger dan 13 jaar bestaat, beschouwt de voedingssector het vanaf juni als een kinderprogramma. Momenteel ligt dat percentage nog op 35 procent.

Volgens Fevia-CEO Bart Buysse volstaat de zelfregulering en is wetgeving rond dit thema niet nodig. “Het voordeel is dat het een vrij flexibel instrument is, dat we veel sneller kunnen aanpassen aan de snelle evoluties in de media.” De sectorfederatie zegt wel in overleg te treden met de bevoegde ministers.

Aangeboden door onze partners

Hoofdpunten